Canada - Rondreis 2008

  Foto Presentatie op Picasa

Van 21 juni tm 12 juli 2008 hebben we een schitterende rondreis gemaakt door west en oost Canada.

Zaterdag 21 juni

Na een voorspoedige treinreis komen we aan op Schiphol. De vlucht van Amsterdam naar Londen heeft 45 minuten vertraging, waardoor we in Londen haast hebben. Dat valt echter niet mee, want we moeten eerst van terminal 1 naar terminal 3. In terminal 3 moeten we door de security en in Londen zijn ze echt paranoïde. Zelfs kinderen moeten de schoenen uittrekken... Nou ja, je moet uberhaupt bijna naakt door de security daar. Een reisgenoot heeft geen boarding pass gekregen voor Londen - Vancouver en mist dus de vlucht, aangezien wij keihard hebben moeten rennen om die vlucht te halen! Pas in het vliegtuig kunnen we een beetje bijkomen (en ons weer fatsoenlijk aankleden). Ook deze vlucht heeft uiteindelijk een half uur vertraging. Het special meal is goed geregeld, maar als ik geweten had hoeveel keuze ze hadden, dan had ik een ander special meal besteld. We hebben een eigen schermpje met een eigen entertainmentprogramma, zodat we leuke films kunnen kijken. Aangezien we tegen de tijd invliegen, komen we 's middags om 16.00u aan in Vancouver. We maken daar kennis met onze reisgenoten en rijden via een toeristische route naar ons hotel. Vancouver is de duurste stad van Canada en iedereen wil er wonen als hij eenmaal gepensioneerd is. De gebouwen gaan maar tot drie verdiepingen in verband met aardbevingen en ze zijn gemaakt van hout met stuuc. Hout beweegt mee als de aarde schudt en dus heb je meer kans je huis heel te houden. Inmiddels zijn er wel woontorens waarvan men zegt dat ze tegen aardbevingen bestand zijn, maar alleen de tijd zal dat leren. De bouwvoorschriften zijn bijna lachwekkend: je moet overal de bergen kunnen zien en je mag maar 1/3 deel van de zon van je buren wegnemen. Alles ziet er puik uit, vooral ook de groenvoorziening. Er is een heuse plantsoenraad en dat is vaak een opstap voor een politieke carrière in Vancouver. Er wonen veel Chinezen in dit deel van Canada, aangezien zij een groot deel van de spoorlijn van oost naar west (de Canadian Pacific) hebben aangelegd. Nog altijd is Vancouver een gateway van China. Het centrum van Vancouver ligt op een soort schiereiland. We aten om 19.00u Canadese tijd in een Italiaans eethuis, maar de vegetarische pasta was echt problematisch. Ik moest er het langst op wachten en kreeg uiteindelijk... pasta met gehakt. Om 21.00u Canadese tijd zijn wij gaan slapen.

Zondag 22 juni

We mogen om kwart voor acht opstaan, rustig ontbijten en om 09.00u is er een informatiebijeenkomst van de groep. Om half elf gaan we fietsen huren met W, I en M. Zij hebben wat meer haast, aangezien zij 's middags orka's gaan spotten.

Wij fietsen rustig aan een mooie ronde door Stanley Park, met mooie uitzichten, totempalen en een behoorlijk strand, langs jachthavens door naar het oude centrum van Vancouver. We lunchen in het centrum bij de stoomklok, waar we ook wat meekrijgen van het jazzfestival.

We bezoeken Chinatown en de Chinese garden en Place Canada waar de cruiseschepen liggen. Om 17.00u hebben wij onze fiets ingeleverd. Daarna zijn we naar het strand gelopen en hebben we nog anderhalf uur op het strand gezeten.'s Avonds heerlijk gegeten, een basisnoodlegerecht dat je kon uitbreiden met vlees. M. heeft toen nog een biertje gedronken met onze reisleider.

Maandag 23 juni

We staan om acht uur op en gebruiken een ontbijtje. Om 10.00u gaan we de auto's ophalen. Pas om 12.00u is alles geregeld en ingepakt en kunnen we vertrekken richting Whistler. Intussen zagen we een Halo om de zon.

 

Onze reisgenoten zijn W. en I. De eerste stop maken we bij de Capilano Suspension Bridge. Dit is een soort attractiepark, met een treetops adventure. De grote hangbrug is de entree naar het park, de boomtoppen zijn te bezichtigen via allerlei kleine hangbruggetjes. Hier lunchen we ook.

De tweede stop maken we bij Shannon Falls, een mooie waterval. We doen daar een kleine wandeling. Er zijn veel wegwerkzaamheden onderweg in verband met de winterspelen van 2010, die in Vancouver en Whistler zullen plaatsvinden. 's Avonds eten we in een grill restaurant, waar voor iedereen voldoende keuze is. Het is een beetje het concept van Mr. Wok, maar dan op een grote grillpan. We delen het chalet met F. en J. Whistler is een leuke wintersportplaats. We rijden in een SUV, die heerlijk hoog zit. Uiteraard een automaat, want in Canada rijdt zo ongeveer iedereen in een automaat.

Dinsdag 24 juni

We staan weer om acht uur op en we gebruiken een ontbijtje in Whistler zelf. Om 10.00u gaan we met stoeltjesliften (3 in totaal) de Black Combe Mountain op. Bovenop werd er nog geskied en natuurlijk hebben wij in de sneeuw gestaan! Daarna zijn we naar beneden gegaan met de stoeltjesliften, waarbij we een beer zagen onder ons.

Beneden hebben we een mooie wandeling gemaakt langs Lost Lake en Green Lake, samen met M., M. en M. Uiteindelijk vonden we de wandeling toch iets te lang en besloten we de bus terug te pakken naar Whistler om de wandeling in te korten. We hebben nog even lekker gezwommen en in de sauna gezeten. 's Avonds aten wij samen, opnieuw in het grillrestaurant.

Woensdag 25 juni

We moesten vandaag van Whistler naar Tyax rijden, een afstand van 275 km. We zouden daar langer over doen dan in Nederland gezien de staat van de wegen en de maximumsnelheden in Canada, en dus besloten we vroeg te vertrekken. Het 1e deel ging prima en in Lillooet kwamen we alle autogroepjes weer tegen om boodschappen te doen voor de barbecue die we 's avonds zouden houden. Daarna ging het helemaal mis. De routebeschrijving klopte van geen kanten en er was ons gezegd dat we een gravelweg op zouden moeten om naar Tyax te rijden. Het bordje zou klein zijn en moeilijk te zien. Toen wij het eerste bordje zagen, namen wij dus de afslag (rechtsaf) zoals op de routebeschrijving stond. Dit weggetje begon als gewone gravelweg, dus wij dachten dat we goed zaten. Niet dus. Later kwamen we zoveel rotsen tegen en werd de weg zó slecht, dat we ook zelf begonnen te twijfelen. We hadden ook al heel lang geen bekende gezichten meer gezien, sterker nog, we hadden al een tijdje geen levende ziel meer gezien. Op het moment dat we tot het inzicht kwamen dat we terug moesten, kregen we ook nog een lekke band. Ik geloof niet dat ik ooit zo bang ben geweest ergens gestrand te zijn. We hadden totaal geen bereik met enige mobiele telefoon. We hadden eten, we hadden slaapzakken, maar het wordt heel erg koud in de auto 's nachts, zeker omdat we in de bergen zaten. Er zaten ook beren daar, dus warm eten konden we dan sowieso vergeten. Hoewel een vuurtje de meeste beesten wel op een afstand zou houden, en W. rookt, dus een aansteker hadden we wel gehad. Het eerste wat we allemaal wilden was echt proberen om daar weg te komen. Dat betekende dat we de band moesten verwisselen voor de reserveband. Hoop gloorde, tot we zagen hoe de reserveband eruit zag... Een thuiskomertje, en we hadden al een lekke band gehad met die hele sterke continentalbanden... Toch moesten we iets doen. M. heeft samen met I. en W. de band verwisseld. Ik kon niet veel meer doen dan bidden dat er iemand langs zou komen die ons kon vertellen welke kant we uit zouden moeten. Nadat de band was verwisseld en we nog een half uur hadden gewacht, omdat we zeker wilden zijn dat er geen groepsleden voorbij zouden rijden, kwamen er twee motorrijders aan. Ze waren aan het toeren en wij lieten ze stoppen. Ze vertelden ons dat we helemaal verkeerd zaten, op een houthakkerspad in plaats van op de weg naar Tyax. Ze vertelden ons ook hoe we dan wel moesten rijden. We moesten weer over al die rotsen terug naar de grote weg, dit keer op een thuiskomertje. We besloten niet langer te wachten op anderen van de groep, aangezien we nu zeker wisten dat we verkeerd zaten.

Toen we eindelijk op het beginstuk waren zonder nogmaals lek te rijden, hebben we enigszins opgelucht adem gehaald en een foto gemaakt om de opluchting niet te vergeten. Daarna aanvaardden we de reis naar Tyax over de 'grote' weg. Nog altijd nergens telefonisch bereik. Bij elk bord zijn we gestopt om zeker te weten of er wel of geen pijl op stond. Anderhalf uur na de streeftijd kwamen we ein-de-lijk aan. Ik ging maar snel pastasalade maken voor de barbecue, want dan had ik zelf ook nog wat te eten (ik eet sinds een paar maanden geen vlees meer, scheelt 2/3 van de migraineaanvallen).

Ze hadden ook een kampvuur aangelegd, maar het duurde lang voordat ik rustig werd. Alleen 45 minuten in een heet bad kon mij rustig krijgen. Slapen lukte daarna wel!

Donderdag 26 juni

Vandaag hadden we een dag vrij te besteden in Tyax. We hebben bijna anderhalf uur paardgereden, nou ja, stapvoets en in kolonne. Voor M. wel bijzonder, want het was de eerste keer dat hij op een paard zat. Het was een mooie tocht en je ziet toch meer omdat je verder kan komen met een paard.

M. is daarna met de reisbegeleider naar de bandenservice gegaan. Gelukkig hoefde de band niet te worden vervangen, maar kon deze worden geplakt. Na anderhalf uur en 30 dollar was het euvel opgelost. We probeerden daarna de waterfietsen, maar dit was geen succes omdat er zoveel tegenwind stond. We besloten dus maar de Lakeshorewandeling te doen. Deze was erg leuk en duurde ongeveer twee uur. 's Avonds aten we gezamenlijk in het peperdure restaurant. Daarna gingen we naar de speelhal van het resort. Je kon daar tafeltennissen en fitnessen. Ik heb nog even een conditietraining gedaan en M. een aantal potjes tafeltennis. Er was opnieuw een kampvuur, dit keer heb ik er wel even bij gezeten.

Vrijdag 27 juni

In Tyax genieten we van een gezamenlijk ontbijt met uitzicht op het prachtige bergmeer. We gaan vandaag van Tyax naar Cache Creek. Om kwart over een komen we, na een eenvoudige lunchsalade, aan in Hat Creek Ranch. Om 16.00u krijgen we een rondleiding door de Ranch.

De Ranch is een voormalige herberg voor goudzoekers, die op weg waren naar het goudzoekersgebied. Er leven ook Indianen in het gebied en die zijn vertegenwoordigd in het tweede deel van de rondleiding. We krijgen er uitleg over de verschillende tipivormen en de manieren om eten te bereiden. We hebben hier het stromende riviertje als koelkast en we mogen een groot kampvuur aanleggen. Om half zes krijgen we een gezamenlijke maaltijd van de Ranch. De vegetariërs hebben het hier het beste geregeld, want wij krijgen roerbakgroenten met sojasaus en rijst. De anderen krijgen een zeer goed klaargemaakte, maar uiteraard koude, ceasar salad met kip.

We slapen hier in een kekuli, een soort hol half onder de grond. Je ligt dan met maximaal 20 personen in een rondje naast elkaar, met de hoofden naar elkaar toe. M. en een aantal anderen pasten niet op het luchtbed, dat tussen de schuine dakwand lag. Zij hebben in het midden op de grond geslapen. Het kampvuur was erg gezellig en lekker warm, maar er zaten daar echt verschrikkelijk veel muggen. Ik heb nog nooit zoveel muggenbulten bij elkaar gehad! De muggen trokken zich ook nergens wat van aan. Normaal prikken ze alleen tussen zonsondergang en zonsopgang, maar deze bleven aan de gang. Normaal prikken ze niet zomaar door kleding heen, maar deze wel. Iedereen stonk naar DEET en plakte, maar ook daarvan trokken deze muggen zich niks aan. Er werd veel gehartenjaagd die avond. En het slapen op zich viel heel erg mee: iedereen zag er tegenop om samen te slapen en dus deed iedereen echt zijn best om rekening te houden met de anderen. We hebben allemaal best redelijk geslapen, ondanks de kou later in de nacht en ondanks de muggen.

Zaterdag 28 juni

We rijden vandaag van Cache Creek via Glacier National Park naar Golden toe. Het is een lange rit van ongeveer 5 uur. We maken een wandeling in Glacier National Park. Dit valt een beetje tegen, waarschijnlijk is de gletsjer al heel ver weggesmolten, want bij het bordje 'end of trail' zien we geen gletsjer, maar een bergstroompje. Het water hieruit is heel erg helder, heel koud en heel erg lekker, want het is warm vandaag. De wandeling is op het laatste stuk erg zwaar. Als we terug gaan, dan moet ik mij vastgrijpen om niet te vallen en daarna heel voorzichtig het met steentjes bezaaide pad afdalen. Gelukkig wordt het pad later weer beter. Als ik het idee heb dat ik een berenvoet zie in de sneeuw, die er op de heenweg nog niet was, krijgen we een beetje haast. Na nog een uurtje rijden zijn we in Golden en dat is een verademing ten opzichte van Cache Creek. Geen muggen en de luxe van een hottub naast je lodge.

In Golden zelf hebben we heerlijk gegeten bij het restaurant eleven22. Ze hadden daar echt heerlijk eten, ook voor vegetariërs. Bij aankomst in de lodge was er vervelend nieuws voor een van onze reisgenoten. M. moest naar huis, omdat zijn moeder na tien jaar ziekbed was overleden. Het duurde tot diep in de nacht voordat dit was geregeld, maar uiteindelijk kon hij de volgende dag vanaf Calgary naar huis vliegen.

Zondag 29 juni

Vandaag hebben we een bezoek gebracht aan Yoho National Park. Eerst reden we naar Takakaw Falls, een mooie waterval. Daarna door naar Emerald Lake. Het belangrijkste vandaag was natuurlijk het bezoek aan Lake Louise, een prachtig gelegen gletsjermeer. We twijfelden eerst of we naar de gletsjer aan de overkant van het meer zouden lopen, maar vanaf een kano had je natuurlijk een veel beter zicht, aangezien het meer echt recht uit de gletsjer komt.

We besloten een kano te huren en een uurtje te peddelen. Het was prachtig weer, eigenlijk ook te heet om te wandelen. Ik ben lekker verbrand op het water. Zo konden we hele mooie foto's maken van het meer en de gletsjer samen. We hadden vandaag auto's gewisseld, omdat anderen een echte hike wilden doen. Ten slotte zijn we nog gestopt bij een stoeltjeslift naar boven, maar die was net dicht gegaan. Toen we terugreden, reden we nog langs de ' natural bridge'. Dit was een rotsbrug, die was ontstaan toen het water in plaats van over de waterval, eronder kon doorlopen vanwege de erosie. We aten opnieuw in het restaurant eleven22. Daarna heeft iedereen op enig moment bij ons in de hottub gezeten. Pas na half twee 's nachts werd het rustig.

Maandag 30 juni

Vandaag rijden we van Golden naar Kananaskis (zuidwaarts), maar we gaan eerst een groot gedeelte rijden van de Icefields Parkway (noordwaards). We stoppen bij de entree van Yoho National Park en vragen daar informatie op over wat interessante stops zijn. We maken een stop bij Peyto Lake; een mooier gletsjermeer bestaat volgens mij niet! Een mooiere weg trouwens ook niet.

Peyto Lake

De weg loopt langs 25 kleine en 8 grote gletsjers. Het hoogste punt van de weg is 1300 meter, maar dat maakt het juist mooi, want je rijdt echt tussen de schitterende bergwanden, gletsjers en besneeuwde toppen door. We besloten een stop te maken bij het gootste Icefield, het Columbia Icefield.

Columbia Icefields

Daar kon je met de ijsmobiel de gletsjer op en dat gingen we natuurlijk doen! Eerst rijd je met een bus naar het ijsmobielstation. Daar stap je over in een ijsmobiel, die maximaal 18km per uur rijdt en een helling kan nemen van 32%! De wielen zijn ongeveer even groot als ik zelf ben. Een kwartiertje foto's maken als je op de gletsjer staat, maar het is wel de moeite waard. Dan wordt je terug in de ijsmobiel geroepen en ga je terug. Langzaamaan gingen we nu weer zuidwaarts richting Kananaskis. We maken nog een stop bij Bow Lake, maar ik vind dit toch minder mooi dan Peyto Lake. We eten onderweg in Banff bij de McDonalds, het wordt voor mij dus een visfiletje. Echt lekker is anders, maar we hebben niet echt de tijd om lang te dineren en we willen als het even kan voor het donker in Kananaskis aankomen. In Kananaskis slaapt een deel van de groep in een tipi en een deel in trapperstenten. Wij sliepen in een trapperstent. Comfort is hier niet. Er zijn geen kussens, dekbedden en er is geen licht in de tenten. Gelukkig is er wel een kachel, want die hebben we hard nodig nu het weer aan het veranderen is. De kachel stinkt alleen een uur in de wind helaas. Er is geen verlichting op het terrein en de dichtstbijzijnde WC is een ecotoilet op 100m afstand. Er zijn ook geen handdoeken, maar die mogen we gelukkig lenen van F. en J., bij wie we in de tent slapen. M. leent een handdoek van C. en V. We hebben een kussen gemaakt van onze bewaarzak van de slaapzakken, waar we zachte kleding in hebben gestopt. Het was 's nachts behoorlijk koud.

Dinsdag 1 juli

Het regent 's ochtends een beetje en daarna blijft het bewolkt en frisjes. We besluiten daarom naar Calgary Olympic Park te gaan, waar in 1988 de Olympische Winterspelen zijn gehouden. Toen Yvonne van Gennip twee gouden medailles haalde en Gerard Kemkes en Yep Kramer nog zilver en brons. Diezelfde Yep Kramer die zoon Sven de ene schaatswedstrijd na de andere ziet winnen. Het was inmiddels een soort Olympisch museumpje, met de geschiedenis van de Spelen (die uiteraard ooit op de berg Olympus in Griekenland begonnen) en alle medaillewinnaars. Ook de aerodynamische kleding en bijvoorbeeld de jas van Yvonne van Gennip zijn hier tentoongesteld. Echt een leuk uitstapje voor als het weer wat minder is. Je kon met de stoeltjeslift naar boven en dan naar de skitower. We stonden bovenop de skischans, dat is stijl zeg! Ik doe het de schansspringers niet na. Daarna kon je naar beneden lopen. Toen wilden we nog naar de Olympic Oval, waar dus al die schaatswedstijden zijn gehouden. Het was vandaag Canada Day en dus hadden we dikke pech, want de Oval was dicht! Wij baalden wel, want we hadden juist die schaatshal wel eens van binnen willen zien! 's Avonds gingen we eten in Canmore, een ander plaatsje in de buurt van Kananaskis. Het eten was best lekker, maar aangezien zij vonden dat we zo ontzettend lang moesten wachten op ons eten, kregen we het eten gratis! Terwijl we echt niet langer hebben gewacht dan in een Nederlands restaurant (hoewel de service daar dan ook meestal ver is te zoeken). We hoefden alleen de drankjes af te rekenen. Uiteraard hebben we ze wel een flinke fooi gegeven, want dit is pas echt wat je service kunt noemen! Die nacht was het nog veel kouder dan de nacht ervoor; we overwogen zelfs de stinkkachel aan te steken, maar we waren bang dat we dan helemaal niet meer wakker zouden worden, haha.

Woensdag 2 juli

Vandaag vliegen we van Calgary naar Montreal. Het is nog een uurtje rijden naar het vliegveld. Het inleveren van de auto's gaat wel heel soepel, maar het afhandelen van de papieren in verband met de lekke band kost weer veel tijd. Bovendien willen ze persé een cheque opsturen en geen contant geld uitkeren. Dat heeft dus geen nut, want de kosten wegen in dit geval absoluut niet op tegen de baten. Dan is het wachten geblazen op het vliegveld van Calgary. Ik koop een leuk truitje met elfen daarop. De security is hier ook aangescherpt, dus geen vloeistoffen mee in de handbagage (op de lenzenhouder met wat vloeistof na dan) en bijna naakt er doorheen. De vlucht duurt bijna vier uur, maar als je iets wilt eten moet je het zelf kopen. Mijn lunch bestaat dus uit wat wortels en nootjes. Niet echt genoeg dus. Doordat ik slecht heb gegeten en gedronken en al drie nachten niet geweldig lang heb geslapen, komt er een migraineaanval op. Als we eindelijk aankomen bij het hotel, krijg ik het Spaans benauwd: een hotel direct naast de elektriciteitscentrale! Alsof dit nog niet genoeg overlast oplevert, krijgen we een kamer toegewezen vlakbij een ijsmachine die zoveel herrie maakt dat het lijkt of er continu een vliegtuig overscheert. M. vraagt om een andere kamer voordat we een 'diner' krijgen van het hotel. De receptionist doet een beetje moeilijk, maar we zeggen dat we dan na het diner wel terugkomen. Het diner bestaat uit pasta uit blik en ook de saus is verre van vers. Het is echt het allervieste eten van de hele reis. Het personeel is ook zeer onvriendelijk. Bovendien valt me op dat ze heel goed Frans spreken en Engels echt hun tweede taal is. Dat gaat beslist niet foutloos en al helemaal niet accentloos. Je merkt dat ze veel liever Frans spreken. Als we daarna naar de receptionist gaan, blijkt er toch ineens iets te regelen. Anders waren wij gewoon naar een ander hotel op zoek gegaan. We krijgen een kamer op de tweede verdieping, iets verder weg van de elektriciteitskabels en niet meer in de buurt van een donderende ijsmachine. Doordat ik medicijnen heb ingenomen, slaap ik uiteraard heel erg goed.

Donderdag 3 juli

Notre Dame de Montreal: replica van de echte uit Parijs maar wel met een schitterend interieur, zeker een bezoek waard

Het is helaas slecht weer in Montréal; als we opstaan regent het pijpestelen. We gaan eerst naar de Notre Dame de Montréal, maar als we buiten komen regent het opnieuw pijpestelen. We besluiten dan maar te beginnen onder de grond, aangezien Montréal bekend staat om de ondergrondse shopping mall. Het duurt even voor de mall is gevonden, maar het is leuk en gezellig. Het lijkt een heel normaal overdekt winkelcentrum, met het verschil dat het onder de grond zit.

Er zullen wel speciale luxlampen gebruikt worden op bepaalde plaatsen. Ik kan normaal niet zo goed winkelen vanwege de constante afwisseling van koude en warmte, maar zo'n mall is plezierig. Nadat het weer wat opklaart, besluiten we de heuvel Mont Royal in het Parc Royal op te gaan. Eenmaal boven heb je daar een mooi uitzicht over de stad Montréal.

Daarna lopen we terug naar beneden en gaan we nog naar McClouds Museum, over de geschiedenis van Montréal. Het valt een beetje tegen, want het is niet echt chronologisch ingedeeld en de Indianengeschiedenis beslaat maar een piepklein zaaltje. Ten slotte slenteren we terug door de stad, waar het weer inmiddels behoorlijk is opgeklaard. We komen langs het jazzfestival dat hier bezig is. We eten in een pastarestaurant waar je zelf je pasta mag samenstellen. Je kiest dan de pasta, de ingrediënten en de saus. We hebben hier heerlijk gegeten! We waren redelijk vroeg terug in het hotel, waar in ieder geval wel een warm bad wachtte.

Vrijdag 4 juli

Vandaag halen we de auto's op en weer duurt dit meer dan twee uur. Ik ga dit keer niet mee; er zijn genoeg chauffeurs. Ik ga kijken in het winkelcentrumpje schuin tegenover het hotel in Montréal, waar ik drie korte broeken kan kopen voor de prijs van twee. Slag geslagen natuurlijk. Er wordt vanaf nu gerouleerd met de auto's. We rijden naar Ste. Anne de Beaupré, een rit van drie en een half uur die nog veel langer duurt vanwege de files rondom Montréal en Québec City, beide veroorzaakt door grootschalige wegwerkzaamheden. In het plaatsje doen we boodschappen om 's avonds zelf te koken op de hotelkamers. M. uit België maakt een lekkere schotel van pasta, groenten en bonen. M gaat daarna nog in het zwembad en het bubbelbad, ik ga lekker in bad op de hotelkamer.

Zaterdag 5 juli

Vandaag rijden we naar Québec City. We rijden via de kerk van Ste. Anne de Beaupré, een mooi staaltje kerkkunst.

We maken natuurlijk ook een stop bij de Montmorency waterval. Dit is een voorproefje voor later (Niagara, later in de reis).

Québec is een echte vestingstad, naar het voorbeeld van Vaubain (hij was de eerste Fransoos die een vestingstad in de vorm van een ster bedacht). Het is er gezellig, met Frans aandoende terrasjes, gemoedelijkheid. Eerst nemen we een kijkje in de Notre Dame de Québec (alle kerken in Franstalig Canada heten Notre Dame de + plaatsnaam).

We bezoeken daarna de citadel en de militaire basis. We krijgen daar uitleg over de geschiedenis van Canada en de volledige tweetaligheid die het land kent. Fransen en Engelsen vlogen elkaar steeds in de haren, maar de gezamenlijke vijand werd al snel de Verenigde Staten van Amerika en dus werd er met veel gehakketak toch ook nog af en toe samengewerkt.

Uiteindelijk besloot de Engelse Queen Victoria dat Canada als overzees gebied zichzelf het beste kon verdedigen als het een echt land werd. Queen Victoria wordt daarom nog steeds geëerd in Canada en ook het Engelse koningshuis, waar Canada officieel nog steeds onder valt, staat hoog in het vaandel. Na een late lunch keren we terug naar Ste. Anne de Beaupré.

Daar trekken we 50 baantjes in het zwembad en daarna wacht het heerlijke bubbelbad! 's Avonds dineren we op stand in het hotel; het eten is echt heel erg goed, ook het vegamenu (groentetimbaaltje gevuld met couscous). Ik ga dit thuis ook eens maken!

Zondag 6 juli

We hebben vandaag een lange rit voor de boeg van Ste. Anne de Beaupré naar Navan (nabij Ottawa). We slapen in de Bearbrook Farm in een stacaravan. Niet alleen zijn de gebouwen wat gedateerd, ook het winkeltje heeft van alles wat al een jaar of twee over de houdbaarheidsdatum heen is. Na aankomst rust ik eindelijk eens wat uit, want daar ben ik inmiddels wel aan toe.

M. gaat de boerderijbeesten bezoeken. Ook heeft M. nog een duik genomen in het ijskoude zwembad (mij niet gezien hoor, veel te koud). 's Avonds dineren we in een restaurant van een Nederlands echtpaar, dat helaas ook een beetje gedateerd aandoet. Het eten smaakt best aardig (roerbakgroenten met rijst). De bedden kraken als de ziekte, maar gelukkig slapen we redelijk goed.

Maandag 7 juli

Vandaag gaan we naar Ottawa, de hoofdstad van Canada. Hier zetelt de regering. We bezoeken Parliament Hill en brengen een bezoek aan de parlementsgebouwen. Je neemt dan deel aan een rondleiding, aangezien alles nog in bedrijf is en veiligheid voor alles gaat. Zelfs mijn berenbel moest ik inleveren! Het is vandaag echt erg heet, zeker 35 °C, helaas niet echt weer om een stad te bezichtigen. Wat ben ik hier blij met de nog recent gescoorde korte broeken!

We besluiten dan maar een rondvaart te doen, want dan zien we toch nog een groot deel van de stad. De rondvaart duurt anderhalf uur, waarna het iets is afgekoeld. Daarna bezoeken wij nog even de Bymarket, die al grotendeels is gesloten voor die dag. Ten slotte eten we samen in een visrestaurant, waar ik een heerlijke pasta met gerookte zalm op heb! We hebben vandaag samen de auto om terug te rijden naar Navan.

Dinsdag 8 juli

We rijden vandaag van Navan naar Kingston via Upper Canada Village. Dat is een soort openluchtmuseum over de pionierstijd. Het is een geheel gereconstrueerd dorp uit 1866. Er is een barbier, een hoefsmid, een kuiper, een schoenmaker, een wolfabriek, een naaiatelier, een kerk, een general shop, een schooltje, een trekschuit en paarden met wagens. Ook is er een boerderij met alles erop en eraan, inclusief hooizolder. Als je de serie ' The little house on the Prairie' kent: dit was exact zo'n decor. Ook waren de gidsen gekleed in de klederdrachten van die tijd.

Hoewel de dames vroeger allemaal zelf kleding konden maken, was er toch een naaiatelier. Dit was voor zondagse kleding, met name natuurlijk voor diegenen die dit konden betalen. Er was ook een doktershuis, maar de dokter behandelde in die tijd nog vooral bij de mensen thuis. Operaties op de keukentafel, met assistentie van de vrouwen van het huis, waren de normaalste zaak van de wereld. Verplegers kende men toen nog niet. Gelukkig maar dat dit sterk is veranderd. Het gaf een heuse blik in het Canadese verleden; het was echt alsof het verleden even tot leven kwam. Behalve bij het restaurant natuurlijk, want daar golden gewoon de prijzen van 2008! Lekkere lunchsalade in een wrap laten samenstellen. Beetje te veel, maar wel erg lekker. Daarna vond ik in de souvenirswinkel een elf om in de Kerstboom te hangen. Tegenwoordig hangen er bij ons naast kerstballen en slingers alleen nog engelen en elfen in de boom, zoveel mogelijk in dezelfde kleuren als de kerstballen en de slingers. Die elf ging natuurlijk mee! Daarna reden we door naar Kingston. Het hotel daar was goed. Met een aantal leden van de groep aten we in Sizzler, het restaurant van The Four Tops hotel. Het eten was goed te doen, maar we zijn 's avonds kletsnat geworden omdat het weer omsloeg.

Woensdag 9 juli

Vandaag valt het weer een beetje tegen, maar het belooft in de middag op te klaren. We bezoeken eerst Fort Henry en nemen deel aan de guided tour. Heel interessant om te weten hoe het leven van een soldaat eruit zag op een willekeurige dag in 1867. Zo mocht maar 12% van het legioen trouwen en ook daaraan zaten aardig wat voorwaarden. Zo moest je tien jaar onberispelijke dienst hebben gedaan en tja, dat valt niet mee als je bij 14 jaar dienst neemt en pas vanaf 17 jaar echt wordt geteld. Daarnaast moest je zeker stellen dat je het gezin dat ontstond, kon onderhouden. De kans dat je onberispelijke dienst had was niet zo groot en je verdiende niet echt veel als soldaat. Je moest je echt op zien te werken (hoewel rijkelui zich meestal in een bepaalde rang inkochten). Huwelijken van mannen van 40 met meisjes van 16 waren bepaald geen uitzondering. Tot de 12% was bereikt, want meer kon het legioen niet onderhouden. Officiers en hogere rangen werden zoals gezegd gekocht en deze mannen hadden meer privileges. Zo werd van soldaten de burgerlijke kleding verbrand om desertatie te voorkomen. Tevens werd je gekort op je maaltijden als je niet op tijd terug was of als je dronken was en die waren per definitie al karig. Maar als je de kans kreeg, ging je toch het leger in, want je kinderen kregen er een schoolopleiding. Er werd ook op andere manieren geronseld. In die tijd werd bier geschonken in tinnen kroezen. Als er een schilling in lag op de bodem, dan moest je het leger in (dan was je 'omgekocht' door een officier). Daarom werd bier later in glazen geschonken, want dan kon je zien of er een schilling in lag en had je nog een keuze. Dronk je het op, dan had je zojuist je contract getekend. Liet je het staan, dan moest je gauw wegwezen om geen ruzie te krijgen met de omkopende officier. Officieren en hogere rangen mochten wel wegblijven uit het fort en zij mochten ook trouwen en een gezin vormen. Deze gezinnen woonden meestal elders in de stad. Toen wij er waren werd er ook een gun fire race gehouden. Het gaat hier niet alleen om wie het snelst is, maar vooral ook om wie het snelst alles precies volgens het protocol uitvoerde. Er worden twee keer drie schoten gelost met een kanon. Na de eerste drie schoten wisselt het team van kanon, om technische mankementen uit te sluiten. Hetzelfde team won twee keer, dus die waren het beste op elkaar ingespeeld.

Na het bezoek aan Fort Henry gaan we een boottocht maken naar 1000 Islands. We hopen nog altijd op beter weer, want het is mistig op het water. De eilandjes die worden omschreven doemen te laat voor ons op om te weten welk eiland bij welke beschrijving hoort. Als we echter het mooiste gedeelte in varen, is het helemaal opgeklaard en schijnt de zon. Het waait op de boot wel dusdanig hard, dat je niet voor op de boot kunt staan. Dat is niet vol te houden. De Indianen hebben een mooie legende over het ontstaan van de 1000 Islands. Als de stammen zouden stoppen met vechten en oorlog voeren, dan zou Manitu (hun oppergod) zorgen voor een paradijs waar zij in rust en kalmte konden leven. De stammen sluiten een pact en stoppen met vechten. Het paradijs is een feit. Na vele jaren wordt het pact vergeten en ontstaat er weer onmin en oorlog. Manitu is boos en besluit het paradijs van hun af te nemen. Hij stopt dit in het achtereinde van een buffel. Als Manitu weer terug gaat naar de hemel, vallen er stukken paradijs uit de buffel. De stukken vormen de 1000 Islands.

Er is ook een recenter verhaal; dat gaat over het ontstaan van de sladressing die 1000 Islandsdressing heet. Een miljonair koopt een eiland om er een huis op te bouwen voor zijn dan al zieke vrouw. Hij hoopt dat ze daar beter zal worden. Zijn kok installeert zich in het huis om de voorbereidingen te treffen voor als de man en zijn vrouw naar het eiland verhuizen. De vrouw sterft echter en de man wil dan niet meer op het eiland wonen. De kok blijft er wel en maakt ter nagedachtenis aan de vrouw bij een banket een speciale sladressing. Hij noemt dit de 1000 Islandsdressing. Het is een van de lekkerste dressings die ik ken voor een salade.

's Avonds eten we in een echt Mexicaans restaurant, waar ze ook echt alléén Mexicaanse menu's serveren (in de meeste restaurants van Canada kun je een ratjetoe aan gerechten krijgen). Het smaakt ook echt lekker, alleen hadden ze de bonen van mij heel mogen laten. De bonenpuree is erg lekker, maar ziet er niet echt geweldig uit.

Donderdag 10 juli

We rijden vandaag zo snel mogelijk naar Toronto, zodat we de tijd hebben deze stad te bekijken. Onze hotelkamer is nog niet klaar en dus besluiten we de stad in te gaan, met de metro. We maken een wandeling door het havengebied en rusten uit in een leuk, recent aangelegd parkje aan de waterkant van Lake Ontario. Er is een heus stadsstrand aan het meer. 's Avonds dineren we in de CN-Tower op 500m hoogte. Ze zeggen dat dit de hoogste alleenstaande toren van de wereld is, maar ja, iedereen heeft altijd de hoogste, mooiste en grootste.

Het zitgedeelte van het restaurant draait in 72 minuten geheel rond. Zo heb je elke vijf minuten een heel ander uitzicht. Ik ben blij dat ik dit heb gedaan, want het eten smaakte prima, het was een voor Canadese begrippen chic restaurant en je kunt geen beter uitzicht over Toronto hebben.

Vrijdag 11 juli

Vandaag gaan we naar de Niagara Falls. We beginnen het leven uit een grote rugzak en het gedoe met de auto's behoorlijk beu te worden, maar uiteindelijk is alles geregeld. Hoewel de watervallen echt spectaculair zijn, is de kermis er omheen vreselijk. Een casino, een reuzenrad, twee uitkijktorens, een restaurant op hoogte (in het Casino uiteraard), een spookhuis, enz. We maken uiteraard wel een boottochtje met de 'Maid of the Mist', waar we als sardientjes in blik worden ingeladen. We krijgen een regencape; die van mij komt tot over mijn voeten, hihi. Maar het moet gezegd; de nevel daalt wel op ons neer als ware het gewoon regen.

Het donderende geraas van het neerstortende water maakt de ervaring compleet. Zien doe je hier niets, alleen de waternevel van de watervallen. Daarna gaan we een kijkje nemen achter de waterval, maar dit valt een beetje tegen. Nat word je hier zeker niet, maar er komt geen daglicht binnen door het vallende water. Ook staat hier de sedimentatiegeschiedenis van de watervallen uitgelegd. De Amerikaanse zijde is minder spectaculair dan de Canadese in de vorm van een hoefijzer. Vroeger erodeerde de watervallen als een gek, maar nu is er een waterkrachtcentrale en daardoor is de erosie met 600% afgenomen. Buiten de nevel van de watervallen is het weer erg warm.

\

Hierna brengen we een bezoek aan de Botanische tuin en de Vlindertuin. Dit was echt de moeite waard, want er zaten daar zo ontzettend veel vlinders, dat zelfs de slechtste fotograaf er een paar op de foto kan zetten. Je moest gewoon uitkijken waar je liep om de vlinders niet te raken. We hadden niet echt heel veel tijd voor de tuin en dus besloten we alleen de rozentuin te bekijken. Helaas was die al ver uitgebloeid. Daarna reden we naar Niagara-on-the-lake. Dit zou een plaatsje zijn net als Québec City, maar buiten een fort, was de vorm compleet anders. Eén straat met winkeltjes, huizen en een kerk. We hebben hier wel heerlijk gegeten in een fatsoenlijk restaurant. We zouden 's avonds een afscheidsborrel doen met de groep, maar wij waren als allerlaatste terug vanwege de grote files waar we in terecht kwamen. Ook in Toronto waren grootschalige wegwerkzaamheden aan de gang. Later bedacht ik me dat dit niet anders kon, want in de winter kunnen ze daar niets doen aan de wegen en ijs en sneeuw hebben uiteraard hun weerslag op het wegdek. M. ging nog wel even naar de borrel, maar ik wilde lekker uitgerust aan de terugvlucht beginnen en ben meteen na thuiskomst gaan slapen.

Zaterdag 12 juli

M. heeft eerst de auto ingeleverd, samen enkele anderen. We zijn daarna nog even Toronto in gegaan, naar het Eaton Centre-winkelcentrum. Ernaast was de Nationale Bibliotheek van Canada, met daarin het Nationale Archief. Nu was het zaterdag en was die dicht. Op het plein daarvoor was een Kunstmarkt bezig. We hebben lekker Japans geluncht, zelfs met to fu (die ik zelf dan weer lekkerder kan klaarmaken).

We vlogen vroeg in de avond terug naar Londen Heathrow. Op het moment dat ik net een beetje wegzakte, moesten we onze klok aanpassen aan London time en werd het ontbijt alweer geserveerd. Overigens had ik intussen het special meal laten aanpassen en dit was goed gegaan. Echt trek had ik niet in ontbijt, want voor mijn gevoel had ik net mijn avondeten op. Dat was niet heel geweldig; het lijkt wel of special meals vaak geen smaak mogen hebben. Een beetje zout deed wonderen! In London moesten we nog drie uur wachten, maar iedereen maakte daar dankbaar gebruik van door te proberen nog een beetje te slapen. Wij ook, maar ik moet zeggen dat het mij niet lukte. Toch ging de tijd best snel, ook al omdat ik enkele leesboeken had meegenomen waar ik nu eindelijk aan toe kwam, haha. De vlucht naar Amsterdam ging snel en ook de treinreis verliep zeer voorspoedig. Een taxi zette ons thuis af. Gek genoeg heb ik op wat slaap na, helemaal geen last gehad van de overgeslagen nacht. Voorgaande reizen was ik steevast ziek daarna. Het kan dus echt anders!

Wij kunnen terugkijken op een zeer geslaagde Canadareis. We hebben een goede algemene indruk gekregen van het land en de natuur. We zullen, als het kan, zeker nog teruggaan om meer van het noorden te bekijken.

 


© Marcel van Oosterhout & Hanneke van Oosterhout-Kreijtz 2008-2009